top of page
ET LICHT is het grondbeginsel van de schilder. Resoluut verschillend zijn de materie, het pigment
H
en het vlak ten opzichte van het licht. Toch lijkt de stilte hier onvergankelijk gelijk. Maar dag na dag is het licht niet een uur hetzelfde. Hier is de hoge ruimte met haar eigenzinnige licht om aan het eenzijdige rationalisme het hoofd te bieden, om met haar licht het geheim van ons bestaan te ontsluieren. het gelach verstomde en het zweet verzuurde de wanden die liever spiegels waren om het grenzeloos gedrag op te hitsen, maar de bel-esprit gasten zijn voorgoed vertrokken. Een mémoire involontaire.
Het witte licht vloeit subtiel als slapend geheugen mee met het dunne laagje water over het indigo van de vloer. Het vocht en het licht heeft het caput mortuum van de gordijnen verbleekt en zelfs de opaalwitte art deco hanglamp heeft in zijn wedijver met het ultrahelle licht van het middaguur zijn vorm verloren. Tegen het plafond omhoog ontplooit zich nostalgisch een waaier van lange bladeren in alle richtingen om het licht te gedenken waaraan ze eens konden groeien. Kijkend en luisterend naar de stilte in deze kamer denk ik aan "...dichterlijk woont de mens..." van Hölderlin. Het gaat hier om kijken en luisteren, om opener en ontvankelijker voor het onvermoede te worden. En tegelijk is het een betreden van wat nooit geweest is.
Kars Persoon, april 2025
fragment uit de catalogus 'Hogevaart en de bekoring van het kleine'

Gelagkamer
2024, eitempera op linnen, 35 x 25 cm
bottom of page

















































